Het is donderdag en ik ben alleen thuis. Mijn man is al vroeg naar zijn werk vertrokken en mijn dochtertje logeert een paar dagen bij haar andere ouder. Het huis, dat normaal gevuld wordt door onze kleine dagelijkse bedrijvigheid, is nu stil. In de verte hoor ik slechts het zachte getik van de klok en af en toe wordt de rust doorbroken door het gedempte geluid van een voorbijrijdende auto.
Ik nestel me op de bank onder een dekentje en geniet van de kalmte om me heen. Het zachte licht van de kaarsen op de schouw vult de woonkamer met een warme, gouden gloed. Naast mij staat een kopje dampende thee en terwijl ik met mijn vingers over de kaft van mijn boek strijk, dwalen mijn gedachten terug naar gisteren, toen ik een prachtige witte vlinder door de tuin zag fladderen.
Er verschijnt een glimlach op mijn gezicht. Ik weet niet precies waarom, maar vlinders maken mij altijd zo gelukkig. Ze herinneren mij aan de vrijheid die in het leven verborgen ligt. Aan lichtheid, maar ook aan de kracht die in kwetsbaarheid schuilt. Aan zorgeloos door het leven gaan, zonder vastomlijnde bestemming en zonder haast. Vol bewondering denk ik terug aan hoe hij zachtjes neerdaalde op onze lavendel. Heel even maar, want nadien fladderde hij weer vrolijk verder en verdween toen achter de schutting.
Wat lijkt het me heerlijk om een vlinder te zijn.
Terwijl ik mijn gedachten nog even laat dwalen, voel ik plots beweging naast me. Ik kijk op en zie dat mijn kat inmiddels dicht tegen me aan gekropen is. Ik aai haar even over haar hoofdje en richt mijn aandacht op haar. Op de rust waarmee ze daar ligt, alsof er op dit moment niets anders bestaat dan deze bank, het dekentje en de warmte van mijn hand.
Soms vraag ik mij af hoe het leven eruit zou zien door de ogen van een kat. Zou ik de stilte van het huis opmerken en me verwonderen over hoe zacht het licht door de woonkamer valt? Zou ik het geluid van de klok die langzaam verder tikt rustgevend vinden? Of bestaat er dan niets anders dan de pure aanwezigheid van het moment zelf.
In de tuin klinkt een zachte tik. Cari spitst haar oren en we kijken allebei nieuwsgierig op. Mijn blik glijdt naar het raam, terwijl zij haar kopje iets verder opricht. Even blijven we zo zitten, met onze zintuigen op scherp, aandachtig luisterend naar een geluid dat al lang verdwenen is. Een paar tellen later ontspant ze weer, alsof ze heeft besloten dat het geen verdere aandacht verdient. Haar kopje zakt terug en ook ik laat me weer wat dieper wegzakken in de bank.
Ik glimlach. Misschien is dat wel één van de dingen die ik zo bewonder aan katten. Ze merken de wereld op zonder zich er meteen in te verliezen. Een zacht geluid of een kleine beweging trekt haar aandacht. Ze luistert. Ze kijkt. En wanneer er niets meer te horen of te zien valt, laat ze het weer los. Zonder zich af te vragen waar het geluid vandaan kwam of zich zorgen te maken over wat het misschien betekende. Zo zie je maar dat niet alles begrepen hoeft te worden om het moment te kunnen ervaren.
Wat lijkt het me heerlijk om een kat te zijn.
Artikel geschreven door Eefje Duplat

Een reactie posten